103 Aanvullingsplaatsbataljon

Algemeen
In de periode (globaal) 1970 tot 1980 is de logistieke sector van het Eerste Legerkorps ingrijpend gereorganiseerd. Taken wijzigden en er kwam een functionele indeling van de logistieke eenheden. Onder het in 1971 opgerichte Legerkorps Logistiek Commando (LLC), dat alle logistieke eenheden van het legerkorps aanstuurde, waren onder andere twee parate bataljons ingedeeld die met de bevoorrading waren belast: 102 en 103 Intendancebataljon. In 1972 werden de munitieaanvullingsplaatscompagnieën, die daarvoor bij de Technische Dienst (TD) waren ingedeeld, ook bij 102 en 103 Intendancebataljon ingedeeld. De benaming werd toen gewijzigd in 102 en 103 Aanvullingsplaatsbataljon (Avplbat). Er waren ook nog twee mobilisabele Avplbats(258 en 501) ingedeeld bij het LLC. De samenstelling van de bataljons in vredestijd week af van die in oorlogstijd.

In 1995 werden uit de eenheden van 102 Avplbat, 103 Avplbat en 105 Transportbataljon (Tbat) twee nieuwe bataljons geformeerd: 100 en 200 Bevoorradings- en Transport bataljon (B&Tbat).

Organisatie
Het bataljon werd geleid door een bataljonsstaf, gesteund door een stafdetachement. Aangezien het niet over eigen verzorging beschikte, werd het tijdens oefeningen en in de oorlogsplanning gecoloceerd bij één van de compagnieën. De vredesorganisatie was als volgt.

111 en 112 Gemengde Intendance aanvullingsplaatscompagnie (111/112 Gemintavplcie ook wel informeel genoemd 111/112 GIAC) konden een klasse I en een klasse III aanvullingsplaats te velde inrichten en in bedrijf houden. 129 Munitie aanvullingsplaatscompagnie (129 Munavplcie) kon een aanvullingsplaats klasse V (munitie) te velde inrichten en in bedrijf houden. 113 Algemene Uitrustings- en aanvullingsplaatscompagnie (113 Alguitravplcie) was belast met inrichten/in bedrijf houden van twee aanvullingsplaatsen klasse II goederen (o.a. psu, intendancematerieel, onderhoudsmiddelen/fournituren, bureelbehoeften) en classificatie en afvoer van retourgoederen. Bij 111 Gemavplcie was het parate pijpleidingpeloton(later heette dit 123 Hulppel kl III) van de verder mobilisabele 123 Brandstofvoorzieningscompagnie (123 Bravcie) ingedeeld. 113 Alguitravplcie werd later gereorganiseerd tot 113 Algbevodncie.

Locaties
De bataljonsstaf van 103 Intbat/later 103 Avplbat, was ondergebracht in de Generaal Spoorkazerne in Ermelo, eind jaren 70 volgde een verhuizing naar de Legerplaats de Wittenberg, die later is omgedoopt tot de Generaal-majoor Kootkazerne in Stroe/Garderen. De bij 103 Avplbat in vredestijd ingedeelde eenheden waren gelegerd in de Generaal Spoorkazerne en in de Legerplaats de Wittenberg, (Generaal-majoor Kootkazerne).

Taakstelling
De oorlogstaak van 103 Avplbat bestond uit het inrichten en in bedrijf houden van één van de vier aangewezen Legerkorps aanvullingsplaatsgebieden. Daar konden troepen tot ongeveer de grootte van een divisie worden bevoorraad. Naast de bevoorrading klasse I , II, III en V werd ook een Cadi-aanvullingsplaats ingericht. Tevens werd voorzien in werktroepensteun, werd badcapaciteit geleverd en werd gravendienststeun geleverd. Daarnaast had het bataljon tot taak de beveiliging van het aanvullingsplaatsgebied door middel van patrouilles.

Oefeningen periode 1972-1995
Bij divisiegeleide oefeningen, ook wel FTX’n (Field Training Exercises) genoemd, van het Eerste Legerkorps verzorgden 102 en 103 Avplbat om beurten de bevoorrading van klasse I en III goederen en de oefenmunitie. Daarbij kon de omvang van de oefenende troepenmacht een trainingseffect geven voor de cien van het bataljon. Aanvankelijk werd de logistiek “nonex” beoefend, waarbij “vriend” en “vijand” op dezelfde aanvullingsplaats bevoorraadden. Later werd de bevooradingslogistiek in twee delen gesplitst wat de taak verzwaarde en het oefeneffect versterkte.

Daarnaast steunden beide avplbats om beurten de schietoefeningen “Bergen Hohne” en “Munster”. Daarbij werd vanuit een vaste locatie de bevoorrading uitgevoerd zonder oefenkarakter. Pas in de latere jaren werden vanuit meer realistischer veldlocaties deze schietoefeningen gesteund.

Tijdens de grote legerkorpsoefening “Saxon Drive” in 1978 bevoorraadde 102 Avplbat de groene en 103 Avplbat de blauwe partij.

Tradities
In de volksmond heette 103 Avplbat “het Bourgondische bataljon” vooral vanwege de wat informele, ontspannen wijze van werken. In de oorlogsorganisatie was een aalmoezenier opgenomen, die ook met oefeningen regelmatig mee ging. Daarmee was het voor sommigen ook het “katholieke bataljon”. Het bataljon trad bij oefeningen zelden op als volledige eenheid. De staf ging alleen bij schietoefeningen en divisie geleide oefeningen met de compagnieën te velde. Gebruikelijk was in het weekeinde tussen de twee oefenweken een bataljonssportdag te houden.